Rosenbaum et al. (2015) in Metabolism onderzochten hoe veranderingen in lichaamsgewicht, vooral gewichtsverlies, de energiehuishouding en hormonale regulatie beïnvloeden. Het artikel bouwt voort op eerder werk waaruit blijkt dat het lichaam actief tegen gewichtsverlies “verdedigt”. Wanneer mensen gewicht verliezen, dalen energieverbruik en bepaalde hormoonspiegels sterker dan je op basis van het lagere lichaamsgewicht alleen zou verwachten. Dat fenomeen wordt vaak “adaptieve thermogenese” genoemd.

De auteurs beschrijven hoe het lichaam na gewichtsverlies efficiënter wordt: rustmetabolisme, spontane activiteit en thermische respons op voedsel nemen af. Tegelijk veranderen hormonen die betrokken zijn bij honger en verzadiging. Leptine daalt, wat hongergevoelens kan versterken en energieverbruik verder kan verlagen. Schildklierhormonen en sympathische zenuwactiviteit kunnen eveneens veranderen, waardoor het lichaam minder calorieën verbruikt. Samen verhogen deze aanpassingen de kans op gewichtstoename na een dieet.

Het artikel bespreekt ook de rol van de hersenen, met name hypothalamische circuits die energie-inname en -verbruik reguleren. Het lichaam lijkt een “setpoint” voor gewicht te hebben dat het probeert te handhaven via hormonale en neurale signalen. Na gewichtsverlies blijft dit systeem vaak ingesteld op het eerdere, hogere gewicht, waardoor terugval biologisch waarschijnlijker wordt.

Belangrijk is dat deze reacties langdurig kunnen aanhouden. Zelfs wanneer iemand succesvol gewicht verliest, blijven de metabole en hormonale aanpassingen bestaan en maken ze gewichtsbehoud moeilijk. De auteurs concluderen dat obesitas en gewichtsregulatie niet alleen gedragskwesties zijn, maar ook sterk biologisch gestuurd. Effectieve behandeling moet daarom rekening houden met deze adaptieve tegenreacties van het lichaam.