In he Feeling of What Happens onderzoekt neuroloog Antonio Damasio een intrigerende vraag: hoe ontstaat het zelf? Zijn antwoord begint niet bij het denken, maar bij het voelen. Volgens Damasio is bewustzijn niet een abstract denkproces, maar geworteld in de fysieke beleving van het lichaam in emoties, gevoelens en het besef van onszelf als lichaam in beweging.
Hij maakt een onderscheid tussen drie lagen van het zelf: het proto-zelf (de automatische regulatie van lichamelijke toestanden), het kernzelf (het directe, moment-tot-moment bewustzijn dat “ik” voel dat “ik” iets ervaar), en het autobiografisch zelf (het narratief waarin we ons leven en onze identiteit vormgeven). Wat bijzonder is: die lagen bouwen allemaal voort op lichamelijke processen. Zonder lichaam, stelt Damasio, geen zelf.
Een belangrijke claim in het boek is dat gevoelens die vaak als irrationeel of storend worden gezien, cruciaal zijn voor bewustzijn én voor verstandige besluitvorming. Mensen bij wie het emotionele systeem in het brein beschadigd is, kunnen vaak nog prima redeneren, maar maken dramatisch slechte keuzes. Emotie en ratio zijn dus geen tegenpolen, maar partners in denken.
Damasio’s stijl is helder en uitnodigend, zijn betoog doorspekt met voorbeelden uit de kliniek, evolutie en neurologisch onderzoek. The Feeling of What Happens opent een verrassende kijk op wie we zijn. Geen geest los van het lichaam, maar een levend, voelend organisme dat zichzelf ervaart. Het is een boek dat uitnodigt om opnieuw na te denken over bewustzijn niet als iets zwevends, maar als iets dieplichamelijks.