Wie trauma heeft meegemaakt, weet dat het lichaam nooit meer neutraal is. Het draagt herinneringen, spanning en een waakzaamheid die zich diep verankert. Voor sommigen is sport een uitlaatklep, voor anderen een noodzaak. Maar wat gebeurt er als beweging niet alleen fysiek is, maar ook een weg naar bewustwording?
Geïnspireerd door Gurdjieffs Vierde Weg een pad dat lichaam, gevoel en denken wil verenigen onderzoeken we hier de kracht én het risico van sport als instrument in het omgaan met PTSS.
De helende potentie van sport
Sloeproeien: samen ritme vinden
In het roeien schuilt een paradox: het is intens, fysiek zwaar, en tegelijkertijd meditatief. Het herhaalde ritme, de noodzaak tot afstemming met anderen, en het element water maken het tot een unieke sport voor mensen met trauma. Je voelt de kracht van je eigen lijf én die van het collectief. In het samen ‘trekken’ ontstaat ruimte voor vertrouwen.
Boksen: leren begrenzen
Boksen wordt vaak geassocieerd met agressie, maar in therapeutische settings draait het juist om controle. Contact maken met kracht zonder jezelf te verliezen. Je leert voelen waar je grenzen liggen, fysiek én emotioneel. Onder begeleiding kan boksen een spiegel zijn: wat vecht je, en waarvoor?
Hardlopen: cadans als kalmering
Hardlopen is voor velen het eerste toevluchtsoord. De monotone beweging, het ritme van de ademhaling, de buitenlucht allemaal dragen ze bij aan regulatie van het zenuwstelsel. Volgens een studie in Frontiers in Psychiatry, 2018 vermindert regelmatige cardiovasculaire inspanning symptomen van PTSS bij veteranen significant.
Embodied cognition: als het lichaam meedenkt
De moderne neurowetenschap sluit hier verrassend goed op aan. Embodied cognition stelt dat denken niet losstaat van het lichaam. Wie beweegt, denkt anders. Bij PTSS is het brein vaak in hyperarousal of dissociatie. Door bewust te bewegen, ontstaat weer contact. Niet alleen met spieren, maar ook met innerlijke staat.
Zoals Gurdjieff zijn leerlingen fysieke oefeningen liet doen ter ondersteuning van zelfobservatie, zo kan sport ook nu dienen als ritueel: een vorm van fysieke meditatie, een oefening in aanwezigheid.
Het risico van overcompensatie
Toch is er ook een andere kant. Sport is verslavend, en bij mensen met trauma vaak een manier om pijn te onderdrukken. Overtraining, dwangmatig bewegen of het zoeken naar fysieke uitputting kunnen symptomen zijn van overcompensatie. Het lichaam wordt dan niet een instrument van heling, maar een vluchtweg een pantser.
In sommige gevallen kan dit leiden tot nieuwe trauma’s, blessures of sociale isolatie. Zoals een ex-militair het verwoordde: “Zolang ik liep, voelde ik niks. Maar zodra ik stopte, kwam alles terug.”
Het vraagt dus om begeleiding, om bewustzijn, om het lef om ook stil te staan.
Sport als onderdeel van de Vierde Weg
Binnen Gurdjieffs systeem is fysieke arbeid nooit doel op zich, maar een middel tot innerlijke eenheid. De sporter die zichzelf observeert; zijn ademhaling, zijn weerstand, zijn drang tot presteren leert meer dan degene die puur op spierkracht traint. Bewust bewegen wordt dan een vorm van gebed: geworteld, ademend, aanwezig.
Misschien ligt daar de sleutel: niet doen om te vergeten, maar doen om te herinneren wie je bent voorbij het trauma, voorbij het verhaal.
Conclusie
Sport kan een krachtig medicijn zijn voor wie leeft met PTSS of Moral Injury, mits het niet alleen wordt ingezet om te vluchten, maar om werkelijk aanwezig te zijn. In beweging kunnen we onszelf terugvinden, niet als prestatie, maar als ervaring. Wanneer lichaam, gevoel en denken samenkomen in bewuste fysieke actie, ontstaat er ruimte voor heling. Dat vraagt om durf, begeleiding en vooral: vertraging. Want heling is geen sprint, maar een weg soms traag, vaak ongemakkelijk, maar altijd menselijk.
Vragen?
Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact met mij op te nemen.



